- praktijk voor psychosociale hulpverlening - 
Home » Artikelen » De verborgen boodschap van de Mattheus Passion

De verborgen boodschap van de Mattheus Passion

Gepubliceerd op 20 februari 2019 om 20:22

Ik was 24 toen ik met de Mattheus Passion in aanraking kwam, en wel door de oudejaarsconference van Freek de Jonge. Op paradoxale wijze wist Freek zijn grove, schunnige en misstanden spugende monoloog te verweven met tere, zielsmuziek. Aan het einde van zijn oudejaarsconference, het podium bezaaid met piepschuim, balletjes ontploft uit  een zitzak, hijzelf bezweet, het haar in pieken over zijn voorhoofd en het publiek in ademloze spanning, klinkt daar ineens het slotkoor van de Mattheus. Ik werd geraakt. De boodschap van zijn oudejaarsconference, gecombineerd met het slotkoor van de Mattheus, vulden elkaar prachtig aan en vormden een naadloos geheel.

 

Ik had geen idee welke muziek het was die ik zojuist gehoord had, maar ik wilde er meer van horen. Freek’s LP, die kort daarna uitkwam, verschafte mij de nodige informatie en voorzichtig begon ik stukken van de Mattheus te beluisteren. In die eerste jaren, ik moet eerlijk zijn, vond ik de koren het mooist. Maar op de een of andere manier bleef de muziek me intrigeren. Elk jaar op Goede Vrijdag werd de Mattheus wel ergens op TV uitgezonden – Ik woonde toen in Scandinavië – en ik keek elk jaar. Keek er zelfs naar uit. Ik merkte dat ik niet de volle 3 uur voor de televisie hoefde te zitten, de muziek deed z’n ding wel. De Mattheus wiegt en kabbelt, laat je schrikken en roert je tot tranen. Het raakte mijn ziel, een betere omschrijving heb ik er niet voor. Ik begreep niet wat de muziek deed, ik voelde alleen maar en liet het bij me binnenkomen en ondanks het feit dat ik geen van de bestaande religies aanhang, niet kerkelijk ben en de Bijbel beschouw als een verzameling mooie vertellingen, deed de muziek iets met me.

 

Gedurende de jaren die volgden merkte ik dat de Mattheus langzaam met mij mee groeide. Het aantal passages die mij raakte groeide gestaag, al bleven de koren mij het diepst beroeren.  Af en toe bezocht ik een live-uitvoering en ik merkte, zoals Tijl Beckand dat in zijn beschrijving en beleving van de Mattheus ook zegt, dat ik elke keer weer iets nieuws ontdekte in het verhaal of de muziek. Dat er dan juist een ander stuk is wat je raakt, of dat er iets speciaals is wat je aandacht trekt, alsof je het voor het eerst hoort. Tot die keer in 2014. Toen het luisteren naar de Mattheus een intense en mystieke ervaring werd. Een ervaring die een idee vorm gaf en die uiteindelijk zijn uiting vindt hier, in dit artikel.

 

Het was 2e paasdag 2014. Ik zat in het Concertgebouw in Amsterdam, zoals elk jaar, te genieten van de Mattheus. Tot drie keer toe werd mijn aandacht getrokken door het woordje “Liebe”, het leek wel alsof dit eruit sprong, of dit duidelijker, luider gezongen werd. Uiteindelijk, het prachtige “Aus Liebe….”. En toen wist ik het zeker! Dit was geen toeval. Dit was anders dan de diepe geraaktheden die ik eerder had gemerkt bij deze muziek.

 

En ik dacht: “Alle religies, ook die uit wiens naam de meest afzichtelijke wandaden gepleegd worden, hebben als universele boodschap Liefde. Liefde als scheppende kracht, liefde die menselijke begeerten overstijgt, liefde die is.” En ik dacht vervolgens: “Stel je voor, dat Bach die boodschap begreep en wilde overbrengen aan zijn toehoorders. Hoe zou hij dat doen?

Bach was een ambitieus man en een autoriteit op het gebied van het componeren van kerkmuziek. Ik denk dat hij zijn ambitie en zijn gave in het componeren tot het uiterste zou aanwenden en een vorm zou kiezen die in die tijd gebruikelijk en toegankelijk was. Het lijdensverhaal van Jesus.

 

Maar toen hij uiteindelijk zijn meesterwerk had gecreëerd, werd dit niet met gejuich ontvangen. Integendeel: De zinnelijke liefdesuitingen brachten mensen in de war. De mens van toen streefde naar de uiteindelijke eenwording met God. Door zijn principieel zondige aard was dit, volgens de Lutheranen, een onmogelijkheid.  De Katholieke theologie achtte die Unio Mystica wel mogeljk, maar alleen na een christelijke levenswandel en een berouwvolle dood.

 

De constante stroom van boodschappen, dat de mens de liefde van God onwaardig is, heeft ons in dat geloof vastgezet. Beperkt als hij is, is de mens vervolgens gaan geloven dat de liefde van God voorwaardelijk en wederkerig is, gelijk de liefde die hij als mens kent.

Spinoza, die in dezelfde eeuw als Bach leefde, zegt hierover: “Ik geloof dat elke religie- of het nu het katholicisme, het protestantisme, de islam of het jodendom is – ons eenvoudigweg het zicht beneemt op de religieuze kernwaarden. Ik hoop dat er ooit een wereld komt zonder religies, een wereld met een universele religie, waar ieder individu zijn verstand gebruikt om God te ervaren en te aanbidden. Ik wil dat er een einde komt aan alle godsdiensten die ons recht om zelf na te denken in de weg staan”.

 

Vervolgens zegt Spinoza dat God volmaakt is en geen noden heeft. Het doet er dus niet toe of wij hem liefhebben of aanbidden. God eist geen liefde van ons terug.

 

Helaas zien we maar al te vaak dat de mens niet bij machte is om boven de vorm uit te stijgen. Dat hij  niet zelf nadenkt hoe hij God kan ervaren en aanbidden en dat hij lijdzaam zijn religieuze leider volgt en slikt wat hem wordt opgelepeld.

Alle religies, spirituele stromingen, Oosterse levensvisies en individuele denkers als Krishnamurti. Spinoza of Gurdjieff spreken over een universele liefde, een allesomvattende, scheppende liefde, die God genoemd kan worden, of Allah, of Buddha, of Atman. De mens, deel uitmakend van die schepping en een van de resultaten ervan, bezit een “goddelijke vonk”. De buddhisten noemen dit onze buddhanatuur; in het Hindoeisme noemt men dit Atman. En dit is nu precies de essentie van de  Evangelien. De scheppende kracht van de kosmos/God is liefde en wij hebben die scheppende kracht en die liefde in ons. Onze opdracht – als je het al zo wil noemen – is het delen van die liefde, zoveel en zo vaak mogelijk, daar waar wij dat kunnen, in ons dagelijks bestaan, en met onze medemens. De boodschap van liefde horen als een van voorwaardelijkheid en wederkerigheid en vervolgens ons leven slijten in vrome aanbidding van God, is een van de grootstste misvattingen van religie. God is volmaakt en heeft onze aanbidding niet nodig.  

 

Stel dat Bach besefte dat de Evangelien een diepere betekenislaag bezaten en een boodschap inhielden die tot dusverre niet verkondigd werd. En stel dat hij het lijdensverhaal van Jezus nam – het meest voor de hand liggende in die tijd – als vorm om die boodschap te uit te dragen.

 

In de hoop dat die boodschap overkomt doorweeft hij  dit lijdensverhaal met zulke prachtige muziek, die iedereen wel moet raken.

Het is een feit dat de uitvoeringen van de Mattheus steeds meer belangstelling krijgen. De muziek raakt dus in toenemende mate steeds meer mensen. Waarom is dat?

 

Ik denk dat men ergens die boodschap wel voelt, maar het niet kan benoemen. Wij leven in een snelle, hectische samenleving. We hebben nog maar weinig echt tijd voor elkaar. We zijn doorgeslagen in winstbejag, eigenbelang en het recht van de sterkste geldt. Onze wereld is er een van toenemend geweld en onveiligheid. En in die wereld, hebben wij massaal een toenemende behoefte aan liefde gekregen. Naarmate die behoefte groeit, worden wij steeds ontvankelijker voor alles wat daaraan raakt. De klanken van de Mattheus – met de boodschap van universele, onvoorwaardelijke liefde - komen dan ook direct binnen in ons zielesysteem.

 

Mooi is ook om te zien dat die boodschap van universele liefde niet alleen hen blijft voorbehouden die vanuit het Katholicisme (of stromingen daaruit) het geloof belijden.

Fadia Tomb El-Hage, een Libanese zangeres, geeft een prachtige vertolking van “Erbarme Dich” in het Arabisch, en daarmee maakt ze deze  schitterende muziek toegankelijk voor een nog groter aantal mensen.

 

De Mattheus is op weg om religie-overstijgend te worden en is niet meer uitsluitend hen voorbehouden die hun oorsprong hebben in een Joods/Christelijke geloofsbelijdenis.

 

Universele boodschappen hebben zo de eigenschap gehoord te willen worden en ze zullen keer op keer kiezen voor een vorm om zich te uiten. De ene keer dit, de andere keer wat anders, langzaam maar zeker, resonerend bij een steeds grotere groep van mensen.

Aan het einde gekomen van mijn gedachte experiment, heb ik nog een laatste opmerking:

Als je eenmaal zover bent om je open te stellen voor die onvoorwaardelijke, universele liefde en je gaat haar ervaren, dan zal bijvoorbeeld de angst voor de medemens verwijnen. Stel je eens voor dat je dan op een Goede Vrijdag in een van de jaren die komen, samen met een Joodse buurvrouw of Islamitische vriendin de Mattheus beluistert.

 

Stel je eens voor……..

 


 »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.